Wo2Slachtoffers.nl

Emst, van, Marinus

Geboortedatum:
12 januari 1894 (Vierhouten, gemeente Nunspeet)
Overlijdensdatum:
12 augustus 1944 (Appelscha, gemeente Ooststellingwerf)

Biografie

Woonde in Appelscha. Zoon van Peter van Emst en Maartje Bossenbroek. Huwde met Margje Gorter (12 augustus 1900 Appelscha - 14 december 1995 Appelscha). Het echtpaar had een dochter, Marianne. De weduwe is hertrouwd met Jan Oosterloo (directeur zuivelfabriek, 17 oktober 1900 Appelscha - 2 september 1970 Appelscha). Boswachter/onbezoldigd rijksveldwachter. Nederlands Hervormd. Lid verzet behorend tot de LO-Ooststellingwerf. Na de inval op 10 mei 1940 wilde hij als vrijwilliger in het Nederlandse leger de strijd tegen de Duitsers aanbinden. Omdat Friesland op 11 mei 1940 al bezet gebied was, was de mogelijkheid om de tocht naar Holland te maken niet meer mogelijk. Van Emst was daarover zeer teleurgesteld. In zijn omgeving stond hij bekend als fel antinazi. ‘Impulsief als hij was, stak hij zijn mening niet onder stoelen en banken en vooral zijn afkeer tegen de NSB’ers kon hij in kernachtige bewoordingen uiten,’ schreef Bergveld in niet-gepubliceerd memoriam. Al lang voordat de LO tot stand kwam, hielp hij Joden en andere onderduikers. Hij zocht en maakte schuilplaatsen voor hen en voorzag hen van bonkaarten en kleding. Ook bracht hij het bos in kaart voor geallieerde piloten. Toen landwachter Kornelis Hartenhof (14 februari 1920 Appelscha - 12 mei 1944 Appelscha) bij een schermutseling met een Knokploeg werd doodgeschoten, rezen er volkomen ten onrechte verdenkingen tegen Van Emst. Na een ziekenhuisverblijf dook hij onder. Of hij op die fatale augustusdag nog ondergedoken was, is niet helemaal duidelijk. Volgens Bergveld kwam hij na enkele weken weer thuis. Op 12 augustus 1944, de verjaardag van zijn echtgenote, werd hij in ieder geval van huis opgehaald. Die dag vond er in de bossen bij Appelscha een grote razzia plaats onder leiding van Hauptsturmführer en plaatsvervangend leider van de SD in Groningen Friedrich Bellmer (20 oktober 1897 Geestemünde). Tijdens het verhoor verklaarde Van Emst dat er in zijn boswachtersgebied geen terroristen waren. Bellmer, die dat niet geloofde, gaf Landwachtcommandant Hans Paul Küter (21 oktober 1914 Hamburg), bijgenaamd Hans Duutser, opdracht Van Emst mee te nemen om onderduikers en terroristen aan te wijzen. Als hij dat niet deed, moest hij de boswachter ‘omleggen’. Van Emst hield vol dat hij niets wist. Daarop vuurde Küter twee schoten op hem af, die hem in het voorhoofd troffen. Later bleek Bellmer ontevreden te zijn met de twee kopschoten, want het had moeten lijken dat Van Emst ‘op de vlucht’ was doodgeschoten. Deze executie vond plaats in een laan op circa 200 meter vanaf de weg Smilde-Appelscha ter hoogte van de toenmalige woning op nummer 169 van de boswachters Weerman en Asjes. Op initiatief van Plaatselijk Belang is op 12 augustus 2004 op de plaats waar Van Emst is gedood een gedenkplaat onthuld door dochter Marianne van Emst. In Appelscha zijn de Van Emstweg en het Van Emstplein naar hem vernoemd. Küter werd voor deze moord en zijn betrokkenheid als lid van het Sonderkommando Feldmeijerbij Silbertannemoorden door het Bijzonder Gerechtshof in Amsterdam tot de doodstraf veroordeeld. Later kreeg hij in cassatie levenslang. (Bronnen: verzameling Pieter Wijbenga in Tresoar Leeuwarden, waaronder het memoriam over Van Emst, dat niet gepubliceerd is, omdat het blad De Zwerver, waarvoor het bestemd was, inmiddels was opgeheven; historische kranten op site Koninklijke Bibliotheek.)

Heeft u zelf meer informatie over deze persoon? Lever het aan!