Wo2Slachtoffers.nl

Roet, Salomon

Geboortedatum:
13 juni 1890 (Amsterdam)
Overlijdensdatum:
19 januari 1943 (Ommen)

Biografie

Woonde in 's-Gravenhage, Hemsterhuisstraat 137. Zoon van diamantversteller Joseph Roet (3 juni 1858 Amsterdam – 6 april 1927 Amsterdam) en Eva Koster (16 april 1862 Leeuwarden – 20 maart 1937 's-Gravenhage). Huwde op 11 februari 1920 met Sientje van Leeuwen (15 maart 1890 ‘s-Gravenhage - 21 januari 1943 Auschwitz, Pol.). Marktkoopman. Nederlands Israëlitisch. In de oorlog werd Roet door een Nederlandse strafrechter veroordeeld tot een gevangenisstraf, die hij niet hoefde uit te zitten. In plaats hiervan werd hij in juli 1942 naar Kamp Erika gestuurd. In de kampadministratie werd hij opgenomen onder nummer 546. In de periode juni 1942 tot mei 1943 kwamen personen die economische misdrijven hadden gepleegd vanwege de overvolle gevangenissen in het kamp terecht. Roet was een van de weinige joodse gevangenen. Voor zover bekend hebben acht Joodse mensen in Kamp Erika gezeten. Vijf van hen hadden zich aan een economisch vergrijp schuldig gemaakt. De andere drie waren als strafmaatregel vanuit een Joods werkkamp enige tijd in het kamp geplaatst. Joodse mannen werden in Kamp Erica het meest mishandeld, zaten permanent bij de Straf Kompanie en moesten het zwaarste werk doen. Roet werd door bewaker Rien de Rijke (1*) afgetuigd. 'De Rijke dwong Salomon uiteindelijk om tussen brandende strobalen die dicht bij elkaar lagen door te kruipen. Salomon had brandwonden op zijn hele lichaam en overleefde de mishandeling niet.' Viereneenhalve maand eerder was zijn joodse stadgenoot Marcus Lelyveld (2*) eveneens na mishandelingen in Kamp Erica overleden. Van de overige zes joodse gevangenen vonden drie later de dood in een van de Duitse vernietigingskampen (3*), beleefden twee anderen het einde van de oorlog (4*) en is het lot van de zesde niet bekend (5*). Toen Roet stierf, was zijn vrouw naar alle waarschijnlijkheid met haar kinderen Lena (19) , Eduard (14), Jacob (11) en Jeannette (6) onderweg naar het concentratiekamp Auschwitz, waar zij op 21 januari 1943 om het leven werden gebracht. Zoon Jozef (16) was reeds op 30 september 1942 in Auschwitz vermoord. De oudste zoon van het gezin, Mozes (24), stierf op 2 mei 1945 ergens in Duitsland. Zie ook: Lelyveld, Marcus.
(1*) Marinus – Rien – de Rijke (6 maart 1919 Monster) was door de Nederlandse strafrechter veroordeeld tot een straf van drie jaar, waarvan hij het nog resterende deel in Kamp Erika moest uitdienen. Nadat hij eerst zelf was mishandeld, werd hij kapo en later oberkapo in het kamp. Na de oorlog vluchtte hij naar Duitsland. De inwoner van Wedel werd op 18 mei 1887, toen hij een bezoek aan zijn zuster wilde brengen, bij de grensovergang bij Denekamp door de Marechaussee opgepakt. Begin februari 1988 sprak de bijzondere strafkamer van de Haagse rechtbank hem vrij van oorlogsmisdrijven en misdrijven tegen de menselijkheid. De rechtbank achtte niet bewezen dat hij de verweten handelingen had begaan 'in staats- of publieke dienst van de vijand'. Dat laatste veronderstelde volgens de bijzondere strafkamer een zekere mate van vrijwilligheid en vrije keuze die niet met zijn positie overeenkwamen. Officier van justitie mr. Van Straelen, die hem schuldig achtte aan de dood van Roet, had vijf jaar gevangenisstraf geëist. In cassatie liet de Hoge Raad de vrijspraak van de rechtbank intact, zodat de toen zeventigjarige De Rijke begin mei 1989 weer vrij man was
(2*) Marcus Lelyveld (9 maart 1905 's-Gravenhage – 5 september 1942 Ommen).
(3*) Gerrit Fresco (17 mei 1905 's-Gravenhage – 11 februari 1944 Auschwitz), Gabriel Blik (13 september 1902 's-Gravenhage – 30 september 1942 Auschwitz) en Philip Barend Kooperberg (13 januari 1886 Raamsdonk – 16 juli 1943 Sobibor, Pol.).
(4*) Arnold Erlanger (22 juli 1916 Ichenhausen – 11 februari 2007 Melbourne, Aust.) en Hartog (Harry) Lakmaker, 10 oktober 1922 Amsterdam– 27 augustus 1983 Sydney, Aust.)
(5) Een zekere Süskind.

Heeft u zelf meer informatie over deze persoon? Lever het aan!

Bronnen

Informatie:
Guusta Veldman, Knackers achter prikkeldraad/Kamp Erika bij Ommen, 1941-1945, Uitgeverij Matrijs, Utrecht, 1993; Gerko Warner, Vreemdelingen op de Joodse begraafplaats, in: Kamp Erika, De Darde Klokke, Historische Kring Ommen, nr. 178, 2016; Gerko Warner, Het Joodse verhaal van kamp Erika, in: Kamp Erika, De Darde Klokke, Historische Kring Ommen, nr. 178, 2016; Digitaal Monument Joodse Gemeenschap in Nederland; Oorlogsgravenstichting; site wiewaswie.nl (waaronder overlijdensakte 15/1943 gemeente Ommen); Digitale Stamboom/Gemeentearchief Den Haag (onder meer overlijdensakte A 323/1943 gemeente 's-Gravenhage); site oorlogsmusea.nl, later herdoopt onder naam tracesofwar.com; site geni.com. Informatie over De Rijke: Vrijspraak voor oberkapo De Rijke, Nieuwsblad van het Noorden, 1 december 1988, site delpher.nl; De 'Beul van Ommen' voor rechter, Leeuwarder Courant, 14 januari 1988, site delpher.nl; Cassatie tegen vrijspraak 'Beul van Ommen', De Waarheid, 4 februari 1988, site delpher.nl; Kampbeul, Leeuwarder Courant, 2 mei 1989, site delpher.nl; Officier eist vijf jaar tegen kampbeul in Ommen, Leeuwarder Courant, 20 januari 1988, site delpher.nl. Informatie over De Rijke is ook te vinden in: Peter Heerkens, Rien de Rijke, verdacht van oorlogsmisdrijven. 'Het is zo'n lieve man, iedereen mocht hem …', Nieuwsblad van het Noorden, 22 mei 1987, site delpher.nl; Arie Hurink (63) uit Ommen kende aangehouden kampbeul. 'Ze moesten hem verbranden, dan hou ik lucifer wel vast', Leeuwarder Courant/Nieuwsblad van het Noorden, 20 mei 1987, site delpher.nl; De 'beul' van Ommen dinsdag voor gerecht, De Waarheid, 14 januari 1988, site delpher.nl; Oberkapo: 'Laten we zonder haat uiteen gaan', Nieuwsblad van het Noorden, 21 januari 1988, site delpher.nl; 'Vrijspraak van Kapo is slechte beurt', Leeuwarder Courant, 3 februari 1988, site delpher.nl.